Waarom iedereen recht praat wat krom is (ja, jij ook!)

Je kent ze vast wel: milieufanaten die met het vliegtuig naar Verweggistan gaan. Dokters die roken. Mensen die klagen over te weinig geld, maar toch de nieuwste telefoon kopen. Of mensen die een stuk chocola boordevol suiker eten terwijl ze heel goed weten hoe ongezond dit is (zoals ik terwijl ik dit blogbericht schrijf…). Anders denken dan doen – en dit vervolgens goedpraten -: we doen het met z’n allen aan de lopende band. Waarom? Vanwege een ‘heel apart gevoel van binnen’ dat psychologen cognitieve dissonantie noemen. Je kunt er trouwens ook handige trucjes mee uithalen…

 

Cognitieve dissonantie: shit, er klopt iets niet!

 

Cognitieve dissonantie is een vervelende spanning die je voelt als je een feit, opvatting of gedraging tegenkomt, die niet strookt met je kennis, houding, emotie, overtuiging of gedrag (je ‘cognities’). Als je zo’n tegenstrijdigheid (‘dissonantie’) bespeurt, krijg je een onbedwingbaar psychologisch verlangen om er wat aan te doen. De opties:

  • Je past je opvatting aan;
  • je past je gedrag aan;
  • je geeft een ander de schuld van je gedrag;
  • of: – wat in de meeste gevallen gebeurt – je praat recht wat krom is (je gaat ‘rationaliseren’).

Dit soort oplossingen verzin je helemáál als je de inconsequentie, zoals het milieu belangrijk vinden, maar ’s ochtends een half uur onder de douche staan, publiekelijk hebt vertoond of als iemand je er expliciet op wijst.

 

Cognitieve dissonantie: deze voorbeelden herken je vast!

 

Recht praten wat krom is: je doet dit dus om je niet ongemakkelijk te voelen. Want als je het niet deed, zou je constant gespannen zijn en jezelf een mislukkeling vinden. Dus het is maar goed ook dat je het doet!

Mensen verschillen wel in de mate waarin ze cognitieve dissonantie ervaren en proberen op te heffen. Psychiaters, psychologen en psychotherapeuten danken hun werkzaamheden voor een groot deel aan mensen die ongelukkig worden van bepaalde tegenstrijdige gedachten! Ook verschillen mensen in het type ‘excuses’ dat ze maken. Een paar voorbeelden:

  • Mijn kind zit te vaak achter de computer, maar dan kan ik even wat klusjes doen of ontspannen, en daar heeft het hele gezin baat bij.
  • Ik mag vliegen omdat ik dat compenseer met een donatie voor het planten van bomen.
  • Als ik niet rook, raak ik gestrest, en dat is ook niet goed voor m’n gezondheid.
  • Als ik een goedkope telefoon koop, gaat die eerder kapot, dus ben ik uiteindelijk duurder uit.
  • Ik snoep omdat ik vind dat je jezelf ook een pleziertje moet gunnen.
  • Met een paar minuten korter douchen kan ik de wereld toch niet redden.

 

Cognitieve dissonantie is een term die overigens al stamt uit 1957 en afkomstig is van de Amerikaanse psycholoog Leon Festinger. De theorie helpt ook te verklaren waarom je er na een beslissing – zeker een moeilijke waar je veel energie in stak- meestal van overtuigd bent dat je de juiste nam. Je concentreert je namelijk op de positieve kanten van wat je wel koos en de negatieve kanten van wat je afwees. Zo pas je door selectieve waarneming je overtuiging aan je keuze aan.

 

3 handige trucjes met cognitieve dissonantie

 

Het principe van cognitieve dissonantie kun je natuurlijk ook gebruiken om mensen op andere gedachten te brengen en/of bepaald gedrag te laten vertonen. Of zij bij jou! Hier volgen drie voorbeelden:

  1. Laat mensen veel tijd, energie of geld steken in iets, waaraan je ze lang verbonden wilt hebben. Als ze dan last krijgen van cognitieve dissonantie (‘ik heb veel geïnvesteerd in die relatie, club of dat werk, maar het kost me wel veel energie of het gaat niet helemaal zoals ik wil’) gaan ze dit ongemakkelijke gevoel bestrijden. Bijvoorbeeld met de gedachte dat de relatie, club of het werk ze (kennelijk) ook veel moois oplevert. Zie hier het verhoogde commitment!
  2. Laat leerlingen op de eerste dag van het nieuwe schooljaar een contract tekenen (een duidelijk zichtbare handeling) waarin ze officieel beloven niemand te zullen pesten. Om dit gedrag in hun hoofd te laten ‘kloppen’, passen ze in veel gevallen (als je ze niet het gevoel gaf dat je ze dwong) hun overtuiging en gedrag hierop aan (‘ik heb beloofd om niet te pesten, dus vind ik pesten niet oké, dus doe ik het niet’). Dit kun je bijvoorbeeld ook toepassen op medewerkers van bedrijven.
  3. Geef veel argumenten om een product te kopen, waarvan potentiële kopers weten dat er een nadeel aan zit (zoals: duur, ongezond). Bijvoorbeeld: ‘als je dit product niet koopt, hoor je er niet bij’ en ‘als je niet voor dit merkproduct kiest, koop je slechte kwaliteit’. Dan bedien je ze van voldoende excuses om het nadeel te vergoelijken.

 

Om nooit meer te vergeten…

 

Als uitsmijter volgt hier een filmpje om cognitieve dissonantie nooit meer te vergeten. In deze Youtube-video legt middelbare schooldocent Brad Wray cognitieve dissonantie en ‘recht praten wat krom is’ op een wel heel originele manier uit!

 

 

Weet jij nog een trucje met cognitieve dissonantie om niet in te trappen maar wel je voordeel mee te doen? Leuk als je ‘m hier deelt!

 

[Bron: Marc Brysbaert, Psychologie; Wikipedia.org]

Nog geen commentaar

Je reactie is welkom!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *